Author Archives: KoZH

  1. Main Capital Partners kondigt strategische exit aan met overname van Optimizers door Orisha na succesvolle samenwerking

    Reacties uitgeschakeld voor Main Capital Partners kondigt strategische exit aan met overname van Optimizers door Orisha na succesvolle samenwerking

    Main Capital Partners (“Main”) kondigt de succesvolle verkoop aan van het in Nederland gevestigde Optimizers aan Orisha, een Franse leverancier van bedrijfssoftware voor de bouw, vastgoed, detailhandel/groothandel en gezondheidszorg, ondersteund door TA Associates. Tijdens de samenwerking met Main, is Optimizers uitgebouwd tot een Europese leverancier van e-commerce software met waardevolle oplossingen voor haar internationale klanten die ondersteunen in het verbeteren van e-commerce processen.

    Main Capital Partners deed in 2019 haar strategische investering in Optimizers. Ondersteund door Main, heeft Optimizers de productpropositie significant versterkt tot een uitgebreide software suite in e-commerce en de internationale slagkracht verder verstevigd in Noordwest-Europa en de VS, waar momenteel ongeveer 170 medewerkers werkzaam zijn.

    Tijdens de succesvolle samenwerking met  Main breidde de software business van Optimizers fors uit, zowel autonoom als door drie selectieve strategische (internationale) acquisities. Als gevolg hiervan verzevenvoudigde de recurring omzet in deze periode. Optimizers is goed gepositioneerd om deze successen de komende jaren verder uit te bouwen en wordt nu ondersteund door Orisha.

    Stefan van Diggelen, CEO van Optimizers, licht de combinatie met Orisha toe: “We kijken terug op een succesvolle samenwerking met Main, waarin we onze marktpositie aanzienlijk hebben uitgebreid en we ook onze organisatie hebben kunnen optimaliseren, waardoor de algehele prestaties van het bedrijf zijn verbeterd. Kijkend naar de toekomst zijn we enthousiast om samen met Orisha aan dit nieuwe hoofdstuk voor Optimizers te beginnen. Deze stap vergroot niet alleen onze gezamenlijke expertise en ervaring, maar het versterkt vooral ons vermogen om onze klanten wereldwijd een uniforme commerce-ervaring te bieden.”

    “We zijn trots om deze belangrijke mijlpaal voor Orisha aan te kondigen. De overname van Optimizers biedt nieuwe perspectieven voor de groep. Dankzij deze transactie wordt Orisha een belangrijke speler in Omnichannel Unified Commerce software in Europa en zal het actief deelnemen aan de transformatie van deze sector. We kijken ernaar uit om deze transactie met Main Capital af te ronden, en om de nieuwe groeimogelijkheden te verkennen die deze ons zal brengen,” voegt Jacques Ollivier, CEO van Orisha, toe.

    Ivo van Deudekom, Investment Director bij Main Capital en lid van de Raad van Commissarissen van Optimizers, sluit af: “Door middel van Main’s gespecialiseerde investeringsstrategie, hebben we ondersteund in het transformeren van de business naar een veerkrachtig businessmodel. Dit hebben we gedaan door te focussen op het substantieel verhogen van de recurring omzet van Optimizers. Met een sterke (internationale) autonome groei, aangevuld met drie strategische add-on acquisities en gevolgd door een sterke up- en cross-sell executie, is de recurring omzet verzevenvoudigd. We feliciteren Optimizers met dit nieuwe hoofdstuk samen met Orisha; we zijn ervan overtuigd dat Orisha een perfect nieuwe thuis is voor Optimizers om dit groeiverhaal voort te zetten.”

    Dit is een voorgenomen transactie en is onderhevig aan standaard opschortende voorwaarden. De overname zal naar verwachting binnenkort worden afgerond. Financiële details worden niet bekendgemaakt.

  2. Tata Steel: op weg naar groen staal

    Reacties uitgeschakeld voor Tata Steel: op weg naar groen staal

    ‘Uiteindelijk willen we de grootste groene industriezone van Nederland vormen’

    Tata Steel is hard bezig om zijn staalproductieproces te verduurzamen en schoner te maken. De staalproducent in IJmuiden heeft zich namelijk gecommitteerd aan een CO2-neutrale staalproductie in 2045. Tata Steel werkt op twee manieren aan het verbeteren van de leefomgeving en het vergroenen van het productieproces. Jeroen Klumper, Directeur Duurzame Transitie, aan het woord.

    Tata Steel wil groen, schoon en circulair staal maken. Dat betekent op korte termijn het terugbrengen van de overlast en uitstoot van het huidige productieproces. En op langere termijn het vergroenen van het productieproces door de inzet van nieuwe technologieën en duurzame energiebronnen. Wat is er nu al gedaan en wat staat er de komende jaren te gebeuren?

    Jeroen, kun je als eerst iets meer vertellen over het Roadmap Plus-verbeterprogramma?

    “Sinds 2021 hebben we het Roadmap Plus-verbeterprogramma, waarmee we de uitstoot en impact verder verminderen op korte termijn. Daarvoor investeren we honderden miljoenen om meer dan dertig maatregelen te nemen. Met het programma pakken we de uitstoot van stof en bijvoorbeeld PAK’s (Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen) aan en ook geur en geluid. Veel van de maatregelen zijn inmiddels gerealiseerd, de rest volgt tussen nu en 2025. Maar het is een continu proces, dus we blijven onderzoeken waar we kunnen verbeteren.”

    Kun je meer vertellen over de al gerealiseerde maatregelen?

    “Onlangs hebben we drie grote milieu-installaties opgeleverd: extra afzuigkappen bij de Hoogovens, een extra afzuiginstallatie bij de Staalfabriek en een enorme ontstoffingsinstallatie bij de Pelletfabriek. Belangrijkste focus van deze maatregelen is het verder verminderen van stofuitstoot en zware metalen, waaronder lood. Naast het verder bouwen aan dit soort nieuwe hightech milieu-installaties, gaan we een groot stofscherm van 18 meter hoog neerzetten rond onze grondstoffenopslag. Het scherm gaat de windsnelheid boven dit terrein verlagen. Hierdoor krijgt de wind minder vat op het materiaal, waardoor verwaaiing van materiaal afneemt. De eerste paal van het scherm zit al in de grond. Ook zijn we in januari gestart met de bouw van een DeNOx-installatie bij de Pelletfabriek.”

    Wat is de DeNOx-installatie precies?

    “De naam zegt het al een beetje: deze installatie filtert NOX uit onze stookprocessen. NOX is de verzamelnaam voor verschillende stikstofoxiden en heeft een slechte invloed op de biodiversiteit van de omgeving. De installatie zet een groot deel van de NOX-uitstoot om in waterdamp en stikstof, twee natuurlijke deelstoffen die geen negatieve impact hebben op mens of milieu. Het wordt onze grootste milieu-installatie tot nu toe. Met deze installatie willen de uitstoot van stikstofverbindingen bij de Pelletfabriek met circa 80 procent terugdringen. En hiermee vermindert de totale uitstoot van stikstofoxiden vanaf het terrein naar verwachting met zo’n 30 procent ten opzichte van 2019.”

    En dan zijn jullie ook bezig op de langere termijn. Wat houdt het Groen Staal-plan in?

    “Het Groen Staal-plan focust als eerste op 2030. Dan willen we onze CO2-uitstoot hebben teruggebracht met 5 miljoen ton (dat is tussen de 35 procent en 40 procent) en vanaf 2045 willen we alleen nog CO2-neutraal staal produceren. Dit project heeft dus een langere termijnplanning dan de RoadmapPlus-projecten. Dit betekent dat Tata Steel overschakelt naar een totaal andere staalproductie en dus uiteindelijk afscheid zal nemen van haar kolen, hoogovens en kooks- en gasfabrieken.”

    Dat klinkt als een meerjarenplan…

    “Daar hebben we wel een paar jaar voor nodig, ja… Nu maken we ons ijzer en staal nog met hoogovens. Die hoogovens gebruiken kolen en hierbij komt veel CO2 vrij. Dat willen we niet meer, we willen naar een nieuwe manier van staal maken. Dus onze twee hoogovens worden één voor één vervangen door nieuwe installaties, terwijl de productie doorloopt. De nieuwe installaties worden gebouwd op basis van de Direct Reduced Iron (DRI) technologie en elektrische ovens.”

    Hoe ziet dat nieuwe proces eruit?

    “Het omvat twee stappen; eerst wordt het ijzererts gereduceerd in een schachtoven bij een, voor staalproductie-begrippen, lage temperatuur van circa 1000 graden Celsius. Daarna is het de beurt aan een elektrische oven, die het gereduceerde ijzer omzet in vloeibaar ruwijzer. De DRI-technologie heeft een aantal voordelen. Ten eerste is de CO2-uitstoot flink lager dan die van onze huidige hoogovens. En het systeem kan ook nog eens schroot verwerken, waardoor we meer circulair kunnen produceren en we minder ijzererts nodig hebben. Hergebruik en circulariteit zijn belangrijke onderwerpen voor ons. We proberen zoveel mogelijk energie en restproducten opnieuw in te zetten, waar dan ook in het productieproces. Voor schroot betekent dat we het percentage willen verhogen van 17 procent naar 30 procent vanaf 2030. Dat kan met deze nieuwe installaties. Dit percentage stijgt daarna nog verder. Een enorme stap voor onze circulaire ambities!”

    Op welke brandstof draaien de nieuwe installaties eigenlijk?

    “De elektrische ovens gaan op groene energie werken. En de DRI in eerste instantie op aardgas. Het is de bedoeling dat deze fabriek later overgaat op groene waterstof, wanneer dat in voldoende mate en tegen een betaalbare prijs verkregen kan worden. Gelukkig wordt er in Nederland een waterstofnetwerk aangelegd dat in 2030 helemaal klaar moet zijn. Door dit soort ontwikkelingen en onze investeringen en samenwerkingen, willen we uiteindelijk de grootste groene industriezone van Nederland vormen. Met de overgang naar groene staalproductie bouwt Tata Steel mee aan de Nederlandse industrie en economie van de toekomst.”

    Voor meer informatie over Tata Steel zie www.tatasteelnederland.com.

    [in kader]

    • Tata Steel wil haar productie verduurzamen en schoner maken.
    • Op korte termijn doet het bedrijf dat met diverse RoadMapPlus maatregelen, waarmee onder andere stof, geur en geluid verder worden verminderd.
    • Onlangs leverde Tata Steel drie grote milieu-installaties op welke moeten zorgen voor het verminderen van de uitstoot van stof en zware metalen.
    • Met het Groen Staal-plan werkt Tata Steel op langere termijn aan een duurzame staalproductie.
    • Daarvoor wordt het hart van het productieproces volledig veranderd. De Hoogovens en Kooks- en Gasfabrieken maken plaats voor schonere technologieën.
    • Dat betekent in 2030 onder andere een CO2-reductie van 5 miljoen ton.
    • Tata Steel stapt af van kolen. In de toekomst worden waterstof en groene elektriciteit de energiebronnen waarmee het bedrijf uiteindelijk groen, schoon en circulair staal gaat maken.
  3. TransHeroes biedt een digitale totaaloplossing voor transport

    Reacties uitgeschakeld voor TransHeroes biedt een digitale totaaloplossing voor transport

    Bij TransHeroes kun je terecht voor slimme logistieke oplossingen. Bijna vijftig werknemers zorgen ervoor dat goederen zowel binnen Europa als overal ter wereld worden geleverd. Via de volledig zelf ontwikkelde TransPortal – het online klantenportaal van TransHeroes – kun je het gehele logistieke proces organiseren. Robin van Gils (Forwarding Manager Ocean) en Roan Bolier (Commercieel Manager) geven een inkijk in dit mooie en vooruitstrevende bedrijf.

    Van reguliere pallets tot complexe zendingen, bij TransHeroes zien ze jouw logistieke vraagstuk als topsport. Ze bieden een ontzettend breed scala aan mogelijkheden, net als de wijze van vervoer. Dit kan via wegtransport, luchtvracht, zeevracht en railtransport, inclusief spoed- en koeriersdiensten. “Daarnaast hebben we een eigen volwaardige douaneafdeling die alle benodigde documenten rondom het transport regelt”, begint Roan Bolier (32). Hierdoor heeft TransHeroes praktisch overal een transport mogelijkheid voor. ‘We zijn groot genoeg om alles aan te kunnen, maar klein genoeg om je bij naam te kennen’, is dan ook een passende quote die ze graag gebruiken.

    Zeevracht

    Waar Roan werkzaam is op het hoofdkantoor in Hengelo, daar opereert zijn collega Robin van Gils (27) vanuit Burgh-Haamstede in Zeeland. Robin: “In Burgh-Haamstede verzorgen wij de import en export over zee. Binnen Europa, maar ook naar landen als Amerika, China, Japan en Australië. Van A tot Z: we regelen het gehele logistieke proces. Van de aanvraag tot het verzenden en afleveren, aangevuld met alle benodigde documentatie.” TransHeroes ziet dat CO2 een steeds grotere rol speelt in de wereld van logistiek. TransHeroes biedt daarom in ruimte mate zogeheten Full Container Load (FCL) Short Sea mogelijkheden, aangezien dit een forse CO2-reductie met zich meebrengt, vergeleken met wegtransport. Daarnaast is het financieel vaak voordeliger. “Je hebt er enkel iets meer geduld voor nodig”, aldus Robin.

    Toegevoegde waarde

    Sinds 2018 biedt TransHeroes een volledig digitale omgeving voor haar klanten; de TransPortal. De TransPortal wordt eigenhandig ontwikkeld door en voor de gebruikers. De ontwikkeling wordt door het eigen development-team gedaan. Roan: “Door dit inhouse te realiseren kunnen we in een kort tijdsbestek gave features implementeren”. Zo is het bijvoorbeeld mogelijk om een digitaal ingevuld CMR te downloaden, verzendlabels aan te maken en de realtime locatie van jouw zeevrachtzending te traceren. De TransPortal voorziet de gebruiker van alle benodigde informatie; van aanvraag tot opdracht. Het is mogelijk om voor wegtransport een voorcalculatie te ontvangen voor de aangevraagde zending. Daarnaast kun je direct communiceren met jouw contactpersoon via de berichtenbox in de offerte, waardoor alle informatie ook bij de juiste offertes of opdrachten gegroepeerd blijft. Kortom, een volledig digitale omgeving. Robin: “Natuurlijk blijft het tevens mogelijk om zowel per mail als per telefoon contact met ons te zoeken. Want naast de digitale beleving houden we het graag persoonlijk.”

    Klaar voor de toekomst

    Mede dankzij het ingenieuze en klantvriendelijke TransPortal loopt TransHeroes voorop. Het kenmerkt de organisatie en bijbehorende cultuur. Robin: “Op persoonlijk vlak kun je hier groeien en jezelf ontwikkelen, wat maakt dat ik intern bijvoorbeeld al enkele mooie stappen heb kunnen maken. Verder is de sfeer heel prettig en open, iets wat we tevens richting de klant willen uitstralen.” Roan afrondend: “Als bedrijf groeien we en dat willen we ook. Het portaal is daarop ingericht en is klaar voor de toekomst. We willen transport leuk maken, op een eigentijdse manier en met een knipoog. Zo speelt Edwin Asveld, CEO en eigenaar, een hoofdrol in een vermakelijke TransHeroes-video op onze website en hebben we geen standaard poolauto, maar een in huisstijl gestylede, feloranje Mustang. Dat typeert TransHeroes.”

    www.transheroes.com

  4. De Beren viert 40-jarig jubileum 

    Reacties uitgeschakeld voor De Beren viert 40-jarig jubileum 

    Het is dit jaar precies 40 jaar geleden dat het eerste Beren eetcafé het levenslicht zag: eetcafé Bruintje Beer werd in 1984 op de Noordsingel geopend. Na de oprichting opende het bedrijf onder leiding van Robert Cramwinckel meerdere eetcafés in het land en de horecaketen kreeg de naam De Beren. De populariteit van het eetcafé was van het begin af aan overweldigend. Elke avond wachtten gasten op een tafel om te genieten van de gerechten van de houtskoolgrill en de ongedwongen sfeer. Vandaag de dag is het concern uitgegroeid tot één van de grootste horecaketens van Nederland. Zo werd De Beren onlangs nog verkozen tot ‘Meest populaire horecaketen van Nederland’, in 2019 uitgeroepen tot ‘Most vegan friendly-keten’ en in 2020 wonnen ze de Foodservice Awards in de categorie Restaurants.

    “We zijn ongelooflijk trots op 40 jaar De Beren. In 40 jaar hebben we ontzettend hard gewerkt, feestgevierd en natuurlijk genoten van de bijzondere momenten met onze gasten en elkaar. Het is een onvergetelijke reis geweest, die we zonder onze gepassioneerde collega’s en  franchisenemers nooit hadden afgelegd. Zij houden onze keten draaiende en zorgen ervoor dat gasten en klanten worden voorzien van goede service en mooie gerechten. Zij zorgen voor een complete berenbeleving. Dit is dan ook een mooi moment om stil te staan bij alle stappen die er genomen zijn om te komen waar we nu zijn,” vertelt eigenaar Ad Schaap over het jubileum.

    Onveranderd lekker sinds 1984

    De weg naar succes was niet altijd zonder tegenslag; het concern kende een periode van explosieve groei, gevolgd door gedwongen sluiting door corona én de financiële tegenslagen die daarbij hoorden. Wat volgende was een tijd van bezinning. De focus verschoof van groei, naar het herwaarderen van de bestaande (bezorg)restaurants. Maar in dit geval blijkt stilstand absoluut niet hetzelfde als achteruitgang: “na anderhalf jaar een pas op de plaats, opnieuw strategieën neerzetten en een kritische blik naar het concept als geheel, openen we begin dit jaar twee nieuwe De Beren restaurants in Den Haag-Ypenburg en Nederweert. Het totaal overschrijdt hierdoor een indrukwekkende tachtig vestigingen. Dit hebben we geheel te danken aan het kundige team dat we om ons heen hebben. Met elkaar hebben we gekeken naar wat er echt nodig was om opnieuw groei te kunnen realiseren, zonder dat dit ten koste gaat van de prestaties van de huidige vestigingen,” vertelt Ad Schaap.

    Terug naar de roots

    De visie voor de toekomst van De Beren is wat Ad Schaap betreft dan ook duidelijk: “we hebben met elkaar gekeken waar we nu echt goed in zijn. Dat is kwalitatief, betaalbaar en lekker eten. En een gezellige ambiance creëren waar iedereen tijdens elke gelegenheid welkom is. We willen daar meer de focus op leggen. We spreken regelmatig gasten die vanaf het eerste moment al fan zijn van dit concept, en nu nog steeds met zoveel plezier ons bezoeken. Dat komt door de vertrouwde roots die De Beren echt De Beren maakt. Daarnaast passen de ontwikkelingen die de formule maakt bij de huidige tijdsgeest. Met de focus op kwaliteit, toegankelijkheid en de vertrouwde gezelligheid, blijven we innoveren en groeien, zonder afbreuk te doen aan de kernwaarden die ons al 40 jaar kenmerken. We hechten daarnaast ontzettend veel waarde aan onze medewerkers. We investeren veel in de ontwikkeling van onze mensen en motiveren door goede doorgroeimogelijkheden, cursussen en trainingen. Zo blijven we continue innoveren binnen onze branche.”

    Een tijdlijn van 40 jaar

    Na het openen van de eerste vestiging, volgde al snel meerdere restaurants met namen als Betty Beer, Brutus Beer en Barend Beer. In 1999 treedde Ad Schaap toe tot de keten en nam deze in 2011 geheel over. Wat volgde was een gestage groei aan De Beren restaurants, verspreid door heel Nederland. Ook besloot het concern in 2001 uit te breiden met een bezorgtak. Een keuze die een aantal jaar later in de coronatijd ruimschoots zijn vruchten afwierp. In 2016 werd het besluit genomen voor een rebranding. Er kwam een nieuw logo en er werd afstand gedaan van het traditionele eetcafé imago. Dankzij de enorme groei en professionalisering die in de jaren daarna volgden, kreeg de horecaformule in 2021 een gehele nieuwe uitstraling. Het gele De Beren logo maakte plaats voor een eigentijdse petrol kleurig logo met een messing beer. “Het was tijd om onze huisstijl net zo eigentijds te krijgen als de vestigingen op dit moment zijn. Het resultaat? Een uniform concept, uitstraling én één en dezelfde naam op de gevel,” aldus Schaap. 

  5. PortPlus wil levens veranderen

    Reacties uitgeschakeld voor PortPlus wil levens veranderen

    Een tekort aan geschoold personeel vormt de bottleneck in de beoogde groei van de haven van Rotterdam. Terwijl flinke investeringen moeten leiden tot opschaling van de containercapaciteit, lijkt het een schier onmogelijke taak om voldoende mensen te vinden. Ondernemers Max Sips (22) en Ferdi Bakker (42) zijn recent PortPlus gestart. Hun doel? Mensen via een achtweekse opleiding, inclusief ervaringsplaats, klaarstomen voor een logistieke functie in de haven.

    Waar Max zich binnen PortPlus met name bezighoudt met het bedrijfsleven, daar is Ferdi de persoon die lesgeeft. Ze verenigen hun kennis en netwerken. Max trapt af: “In augustus 2022 heb ik Port of Opportunities opgericht. Onder deze vlag helpen we mensen met een migratieachtergrond naar een passende baan in de haven van Rotterdam. Dit zijn veelal mensen met een relevante achtergrond. Er reageren echter ook veel migranten met bijvoorbeeld een achtergrond in de zorg, juridische sector en het bankwezen. Daar konden we niks mee en dat stuitte tegen de borst”. Ferdi aanvullend: “Max en ik kwamen via via met elkaar in contact. Ik werk op freelancebasis bij het Havenbedrijf Rotterdam en geef les binnen het logistieke domein. Samen met een commercieel uitzendbureau heb ik eerder een project opgezet waarbij we mensen in korte tijd opleidden richting een functie in de haven.” Zo werd de kiem gelegd voor PortPlus.

    Diverse doelgroepen

    Op 22 april start de eerste klas met tien deelnemers die in acht weken tijd worden klaargestoomd voor een logistieke baan op de Maasvlakte. De focus qua doelgroep ligt binnen PortPlus op zogeheten ‘nieuwkomers’ met een migratieachtergrond. Een kwetsbare groep. Max daarover: “We hebben verschillende mikpunten, waarbij het accent ligt op migranten zonder logistieke ervaring. In mei start niettemin een groep Nederlanders die in een uitkeringssituatie zit. De derde groep die we willen helpen bestaat uit Nederlanders die zich willen laten omscholen.”

    Samenwerkingen

    PortPlus is logischerwijs afhankelijk van gemotiveerde deelnemers aan hun opleidingsprogramma, maar heeft ook welwillende bedrijven nodig die mensen een kans geven. Max: “Je werkt vier dagen bij een werkgever, wat te zien is als ervaringsplaats. Op vrijdag krijgen ze training van Ferdi.” “Het programma duurt in totaal acht weken”, gaat Ferdi verder, “waarbij we samen met opleider STC Next een kort introductieprogramma hebben samengesteld. In die acht weken komen vier vakken voorbij: planning & transport, cargadoor, expeditie en douanedeclaratie. In die tijd zorgen we dat iemand voldoende handvatten krijgt voor een logistieke functie in de haven. Vervolgens wordt de werknemer als het ware overgeheveld naar de werkgever waar hij of zij al een kleine twee maanden ervaring heeft opgedaan.”

    Levens veranderen

    Het programma van PortPlus is heel concreet, met als waardevolle uitkomst dat levens worden veranderd. Max: “Het is onze gedeelde passie om mensen aan een mooie baan te helpen. Of je nu een migratie- of uitkeringsachtergrond hebt, wij willen een bijdrage leveren aan iemands loopbaan.” Beide heren halen daar hun energie uit, maar zijn zich er tevens van bewust dat bedrijven een cruciale rol spelen. Ferdi: “Het concept is vrij nieuw, dus bedrijven kunnen wat terughoudend zijn. Zodoende focussen wij ons op de zogeheten early adopters. Onze dienstverlening en oplossing is namelijk ontzettend hands-on.” “Wat dat betreft hopen we hiermee een sneeuwbaleffect te creëren. Dat andere bedrijven de meerwaarde ervan inzien en denken: wauw, hier moeten we ook aan meedoen”, besluit Max

  6. Rijk kent Rotterdam 21,1 miljoen toe voor leefbaarheid Zuid

    Reacties uitgeschakeld voor Rijk kent Rotterdam 21,1 miljoen toe voor leefbaarheid Zuid

    De leefbaarheid van wijken begint bij goede woningen. Rotterdam-Zuid heeft wijken met veel particuliere woningen die eigenlijk in één keer met de rest van de wijk verbeterd moeten worden. Als gemeente kun je dat doen door de huizen op te kopen en verbeteren en verduurzamen, maar daar is veel geld voor nodig. Omdat Rotterdam dat in zijn eentje niet kan opbrengen, springt het Rijk bij vanuit het Volkshuisvestingsfonds. Daaruit krijgt Rotterdam nu 21,1 miljoen, zo maakte het ministerie van Binnenlandse Zaken bekend.

    Het is niet de eerste keer dat Rotterdam voor Rotterdam-Zuid een beroep doet op het Volkshuisvestingsfonds van het Rijk. Het geld komt goed van pas binnen het Nationaal Programma Rotterdam Zuid, een langdurig programma om de leefbaarheid van Rotterdam-Zuid op een steeds hoger niveau te brengen. Het gaat dan om o.a. aspecten als wonen, werkgelegenheid, veiligheid, cultuur en scholen.

    Met het bedrag van exact € 21.102.103,66 kan de gemeente 193 woningen aankopen om te verbeteren, duurzaam te maken, te vergroten of – als dat niet kan – twee kleinere woningen samen te voegen. Daarnaast pakt de gemeente bij 115 woningen de gevel aan. De gevels worden opgefrist met gevelreiniging en oude kozijnen en onveilige balkons worden vervangen. Nu duidelijk is dat het geld er ook echt komt, kan de gemeente eigenaren en bewoners benaderen om ze in te lichten. Ze krijgen binnenkort bericht over de plannen.

  7. Maritime Sisters koersen op duurzame toekomst voor maritieme sector

    Reacties uitgeschakeld voor Maritime Sisters koersen op duurzame toekomst voor maritieme sector

    Als je geboren en getogen bent in baggerdorp Sliedrecht, je een vader hebt die zijn hele leven in de maritieme sector werkte en deze je regelmatig meenam naar tewaterlatingen en beurzen, dan is maritiem DNA het gevolg. Zussen Marjolein en Sylvie Boer zijn dus letterlijk en figuurlijk ‘Maritime Sisters’.

    Het was daarom onvermijdelijk dat ze allebei in de maritieme sector terecht zouden komen. Terwijl Sylvia hoofd communicatie bij Damen Shipyards was, fungeerde Marjolein als verantwoordelijke voor het innovatieteam bij de haven van Rotterdam. “Vanuit deze rollen concludeerden we dat het niet snel genoeg ging met de transitie naar een duurzame maritieme toekomst en dat ging ons aan het hart. Deze sector speelt namelijk een belangrijke rol in onze economie én samenleving. Bijna alle producten die we dagelijks gebruiken, van koffie en thee tot onze schoenen en laptops, komen via een schip naar ons toe. Negentig procent van alle goederen wereldwijd wordt vervoerd over zee.”

    Nationale vitale belangen

    Daarnaast speelt de sector een belangrijke rol in het behouden van droge voeten, vinden de zussen. “Maar ook onze duurzame energie- en voedselvoorziening komt grotendeels van zee en die infrastructuur kunnen we bovendien versneld aanleggen dankzij maritieme innovaties. Met alle geopolitieke ontwikkelingen wordt het beveiligen van onze kritieke infrastructuur op zee, zoals data- en communicatiekabels, maar dus ook het energienetwerk, steeds belangrijker. En is het dus essentieel om onze militaire veiligheid op orde te hebben. In al deze zogeheten ‘nationale vitale belangen’ vervult de maritieme sector een belangrijke rol.”

    Tij keren

    De Nederlandse maritieme maakindustrie, en specifiek scheepsbouw en maritieme toeleveranciers, is door de jaren heen bijna gehalveerd. “En het Europese marktaandeel in commerciële zeeschepen is van 45% in de jaren 80, naar ongeveer 4% tegenwoordig gedaald”, aldus het duo. “Dat komt door stevige concurrentie vanuit Azië. Het gaat voornamelijk om China en India, die door lagere lonen, staatsteun en lagere staalprijzen goedkoper kunnen bouwen. We moeten dit tij keren voordat het te laat is! Niet in de laatste plaats omdat onze sector essentieel is voor Nederland. Onder meer vanwege de grote bijdrage aan onze economie, de werkgelegenheid en onze veiligheid. Juist omdat we van deze sector houden, zijn we Maritime Sisters gestart. Verandering begint bij jezelf en als je vindt dat zaken niet snel genoeg gaan of anders kunnen, ga je daar zelf iets aan doen!”

    Strategisch advies

    Marjolein en Sylvie willen de transitie naar een duurzame maritieme toekomst versnellen door grote en kleine partijen van strategisch advies te voorzien. “We zetten samen met deze partijen een stip op de horizon en bepalen daarna de ‘so what’: welke (innovatie)projecten ga je doen en met wie, hoe kunnen we die versnellen en welke stakeholders gaan we betrekken? Daarnaast verbinden we partijen. Omdat we een breed beeld van de sector hebben en veel mensen spreken, zien we soms verbanden die partijen zelf nog niet gezien hebben. Bovendien duiken we in thema’s die belangrijk zijn voor de sector. Zo zijn we vorig jaar samen met BlueCity in circulaire kansen voor de maritieme sector gedoken en zijn we nu bezig om met de markt een aantal projecten van de grond te krijgen.”

    Toekomstbestendige sector

    De zussen kijken met een positieve blik naar de regio Groot-Rotterdam én daarbuiten. Er zit ontzettend veel innovatiekracht en ondernemerschap in de maritieme sector. Door die krachten te bundelen maken we onze sector toekomstbestendig. Met innovaties die bijdragen aan een slimmere, schonere en veiligere scheepvaart én een efficiënt bouwproces waarmee we dankzij digitalisering en robotisering onze internationale koploperspositie blijven behouden. Wij houden de vaart erin en geloven dat alles mogelijk is als we samenwerken. Dus laat ons de aanwezig energie vermenigvuldigen: #getpropelled!”

  8. Olli is een Rotterdammer

    Reacties uitgeschakeld voor Olli is een Rotterdammer

    Olli is trots op Rotterdam en houdt van alle Rotterdammers. Elke dag doet Olli zijn best om een steentje bij te dragen aan de stad en een glimlach te geven. Dagelijks komt Olli voorbij via facebook, Instagram en Twitter (@ollimania) met allerlei grappige, eye-catching cartoons. Alles van Knuffels, kinderboekjes tot en met Olli standbeeld worden gemaakt door Didi Bok en Hein Mevi.

    Vanaf 2013 kent iedereen Olli en is hij wereldberoemd in Rotterdam. De doorbraak van Olli deze mooiste stad was op 28 januari 2013 waar Olli als grootste fan van Feyenoord voor het eerst te zien was in De Kuip in een commercial om Diergaarde Blijdorp te redden. Samen met Giovanni van Bronckhorst speelt Olli in het filmpje en hun liefde voor hun favoriete club zien. Sinds die dag is Olli niet meer weg te denken uit de stad. En behoort Olli tot de reclameklassiekers.

    Didi en Hein die Olli bedachten en het filmpje maakten werden beloond met de Gouden Loeki. Na Olli’s avontuur met Giovanni volgde een ander Rotterdams avontuur. En wel in boekvorm.

    Olli Boeken

    Het eerste boek, Olli en het Poepkanon, was direct een hit en een bestseller. Bij de lancering in 2014 stond het rijen dik bij Boekhandel Donner voor Olli’s eerste avonturen boek. Inmiddels meer dan 23 boeken en zelfs een Gouden Boekje. In een spannende humorvolle vaart stuurt bestsellerauteur Didi Bok de lezer naar de wonderlijke wereld van Olli, waar alles mogelijk is. De verhalen hebben een eigen stijl qua tekst en illustraties, en door de dubbele verhaallijn blijven ze boeiend en geliefd bij alle leeftijden.

    In de verhalen ervaart de lezer de wereld zoals Olli hem ziet. Het avontuur van Olli reikt verder dan boeken. Zo prijkt Olli alle jaren op alle digitale billboards van Bereik. In de stad en erbuiten.

    Olli doet goed

    Vanaf dat Olli in de wereld kwam, draagt hij bij aan een betere mooiere wereld. Deze gedachte is de missie hoe Hein en Didi. Zij zetten zich elke dag op verschillende manieren in voor deze missie. Buiten de talloze illustraties en avonturen, zetten ze zich in voor diverse goede doelen, projecten, organisaties en initiatieven. Dit liefdadigheidsinitiatief heet ‘Olli VoorGoed’. Hiermee maakt Olli een verschil in het leven van mensen in nood. De projecten variëren van educatie, gezondheidszorg, milieubehoud tot unieke eenmansprojecten.

    Olli is dankbaar dat hij zich in kan zetten voor een betere samenleving. Afhankelijk van de goede doelen maken Hein en Didi Olli- producten op maat voor het deze doelen. Dit varieert van knuffels, boekjes tot en met standbeelden, meubilair, bedrijfskleding enz. Hein benadrukt een belangrijk Olli ingredient: ‘Met alles wat we maken en doen met Olli, maakt niet uit of het een product of event is, er is altijd humor, dat is essentieel. Immers een glimlach kost niks.

    Geen woorden maar daden

    Olli en Rotterdam gaan hand in hand. Om de goede doelen daden uit te voeren en nog meer kracht aan te geven zoekt Olli altijd naar bedrijven of partijen om een betekenisvolle impact te hebben. Olli verbindt niet alleen de mensen maar ook de bedrijven met de goede doelen. De Rotterdamse Knuffel Olifant is de mascotte voor vele goede initiatieven.

    Zo is Olli met zijn 2,5 meter hoge standbeeld de grootste mascotte van Sophia Kinderziekenhuis Al ruim 10 jaar lang is Olli een grote trekpleister en komen mensen graag naar het ziekenhuis om Olli even dag te zeggen en een glimlach te halen. Olli is graag in het ziekenhuis en stelt de kleine patientjes gerust. Hij schittert op de lange wanden op de afdelingen en samen met Sophia organiseren Didi en Hein Ollimania festiviteiten voor de kleine helden en de families. En sinds Olli de dierentuin Blijdorp heeft gered heeft hij er een mooie ereplaats. Daarbij komt Olli graag in De Kuip om zijn support te geven.

    Olli in de Doelen

    Olli is inmiddels geland hij het Philharmonisch Orkest Rotterdam in de Doelen. In mei starten de Olli voorstellingen “Olli begint een orkest”.

    De voorstelling blijft 5 jaar lang lopen zodat alle schoolkinderen Olli kunnen bewonderen op toneel en mee kunnen zingen met de vrolijke Olli liedjes. De voorstelling is gebaseerd op het Gouden Boekje van Olli dat speciaal is geschreven door Didi met prachtige levendige illustraties van Hein Mevi om muziek educatie te stimuleren in Rotterdam. Olli zet zich al een paar jaar in voor muziek activiteiten van jonge Rotterdammers.

    Momenteel werken ze aan een TV serie van Olli, het is veelbelovend en zal veel eer doen aan Rotterdam.

    Olli houdt van Rotterdam en alle Rotterdammers en is heel dankbaar elke dag weer rond te kunnen lopen in deze wereldstad. Olli voelt zich verwant aan de humor en vechtlust van de Rotterdammers.

    Olli voelt zich verbonden met het Groen-Wit Groene hart en is trots als Dikste Rondste Rotterdammer onderdeel te zijn van de mooiste skyline van de wereld en een beetje bij te dragen aan de humor en de liefde die het Rotterdamse hart verbindt.

  9. Dankzij Bredenoord bruis je altijd van de energie

    Reacties uitgeschakeld voor Dankzij Bredenoord bruis je altijd van de energie

    Wil je als groeiende ondernemer een uitbreiding van je stroomcapaciteit aanvragen? Dikke kans dat het alsmaar toenemende probleem van netcongestie roet in het eten gooit. ‘En dat je netbeheerder zegt dat je over vier jaar als eerste aan de beurt bent’, weet Peter van Huit van Bredenoord. ‘Als dé specialist in tijdelijke en mobiele stroomoplossingen, zorgen wij dat ondernemers, instellingen en overheidsorganisaties tóch kunnen doorwerken zoals zij dat willen. Op een schone, efficiënte en verantwoorde manier. Samen met onze klanten werken we aan passende oplossingen voor duurzame energiezekerheid.’

    Je staat er als ondernemer vaak niet bij stil. Want dat er altijd stroom uit je stopcontact komt, lijkt immers zo vanzelfsprekend. Behalve als je anno 2024 een nieuw bedrijfspand gaat bouwen en je een stroomvoorziening aanvraagt bij je netbeheerder. Of als je als succesvol bedrijf je productiecapaciteit wil uitbreiden door het inzetten van meer machines. Want dan is het maar de vraag of je de extra gewenste hoeveelheid energie kunt krijgen. In de provincies Noord-Holland en Flevoland is het netcongestieprobleem al levensgroot. ‘Terwijl het ook toeneemt in Noord-Brabant, Limburg, Drenthe en Zuid-Holland’, weet Peter. Als één van de vier area managers van Bredenoord voelt hij dagelijks de frustraties van ondernemers en overheidsinstellingen.

    Studentenwoningen zonder stroom

    ‘Zo heeft de gemeente Leiden bijvoorbeeld heel recent 390 studentenwoningen gebouwd.

    Een prachtig initiatief om de woningnood voor studerende jongeren het hoofd te bieden. Aangezien er ook een sportschool, café, ontmoetingscentrum, fietsenstalling en parkeergarage in het gebouw komen, heeft deze plek een prachtige sociale functie. Er was echter één klein probleempje, waarover de ontwerpers niet hadden nagedacht: ze konden vanwege de netcongestie geen stroomaansluiting krijgen’, aldus Peter.

    Gelukkig heeft Bredenoord voor een snelle, tijdelijke oplossing gezorgd. ‘Toen de eerste honderd studenten hun intrek namen, hebben wij drie keer 600 KVA generatoren voor de deur gezet en die konden we stap voor stap opschakelen. Zodat alle studenten licht in hun huis hadden en ook de slagboom van de parkeergarage werkte.’

    Probleem? Meld het zo snel mogelijk! De situatie rondom de Leidse studentenwoningen geeft glashelder aan hoe groot de netcongestieproblemen inmiddels in Nederland zijn. ‘Merk je als ondernemer of instelling dat je met hetzelfde euvel gaat kampen? Kom dan zo snel mogelijk met je melding naar ons toe. Want hoe eerder je bij ons in de lucht komt, hoe eerder en beter wij een plan en oplossing voor je kunnen bedenken’, geeft Peter aan. ‘Want hoe vaak zien we nu dat bedrijven trots een nagelnieuw pand gaan bouwen en vervolgens met de gebakken stroom-peren zitten. Heb je bouw- of uitbreidingsplannen? Neem dan direct contact met ons op. Dan gaan wij voor je kijken hoe we tóch die bouw op een verantwoorde manier kunnen laten doorgaan. Anders komt je bedrijf letterlijk en figuurlijk stil te staan.’

    Compleet ontzorgen

    Welk stroomprobleem er ook is, Bredenoord heeft altijd een oplossing. ‘Dankzij onze vlotte levering, ruime voorraad, hoge kwaliteit aan producten, kennis en snelle service, kunnen we onze klanten volledig ontzorgen. Wij zorgen dat er op elk moment energie zal zijn en er een absolute zekerheid in onze energievoorzieningen is’, stelt Peter. ‘Van aggregaten, verdeelkasten, loadbanks en transformatoren tot lichtmasten, batterij boxen, kabels en hybrid power units, we kunnen alles snel leveren en verzorgen.’

    Duurzame voorsprong

    Bovendien heeft Bredenoord grote sprongen voorwaarts gemaakt in de energietransitie en bijbehorende roep naar verduurzaming. ‘Wij bieden in onze markt de schoonste oplossingen’, weet Peter. ‘Zo zijn wij bijvoorbeeld op het gebied van duurzame batterijen, en ook qua CO2-uitstoot, veel verder dan de concurrentie. Daardoor kunnen bouwbedrijven al met heel weinig emissie werken als wij ze ondersteunen in hun stroomvoorziening. Of helpen met de elektrificatie van hun bouwmachines, hijskranen en vrachtwagens. Mede door onze inspanning kunnen we de bouwsector middenin de huidige stikstofcrisis aan de gang houden.’

    Zo voorziet Bredenoord bouwbedrijven al jaren van Clean Engine Technologyaggregaten. ‘Deze draaien op biobrandstoffen, waardoor er nauwelijks nog stikstof en roet in de lucht komt’, zegt Peter. ‘Ook het gebruik van onze batterijen neemt een enorme vlucht. Als je zo’n batterij ’s nachts oplaadt, kun je er overdag een grote torenkraan op laten draaien. Op die manier hebben bouwbedrijven eigenlijk helemaal geen zware aansluitingen meer nodig én werken ze schoon. Wij zorgen voor een emissiearme bouwplaats. Bredenoord is daarmee een onmisbare schakel in de energietransitie van de bouwsector.’

    Innovaties voor morgen

    Sinds oprichter Jan Bredenoord in 1937 een slimme manier had bedacht om stroom op te wekken uit zijn houtverbrandingsoven, is het Apeldoornse familiebedrijf sterk in innovaties. ‘We zijn inmiddels 86 jaar continu in beweging en kijken elke dag naar nieuwe ontwikkelingen. Zo test onze R&D-afdeling nu bijvoorbeeld de mogelijkheden van waterstof als schone energiebron’, legt Peter uit. ‘We hebben inmiddels een waterstofaggregaat, al is het nu nog te klein en te duur. Maar we weten wel dat dit de toekomst is. Dus zijn we op dit gebied met de innovatie van morgen bezig.’

    Wereldwijd een lokale partner

    Inmiddels is Bredenoord een multinational, die wereldwijd een lokale partner is. ‘Zo hebben we bijvoorbeeld een powerplant op Kreta staan en voeden we een heel stuk van het grootste Griekse eiland met stroom. Maar er staat ook een generator van ons op een piepklein eilandje tussen Australië en Nieuw-Zeeland.

    En hebben we vestigingen in Apeldoorn, Rotterdam, Duitsland en Denemarken’, aldus Peter, één van de ruim 400 Bredenoordmedewerkers die mondiaal actief zijn.

    Wij komen persoonlijk kijken

    Waar er een acute energievraag is, zullen Peter of zijn collega area managers persoonlijk naar de situatie komen kijken. ‘Heb je een vraag? Bel ons, maak een afspraak en dan komen wij dezelfde dag, of in elk geval zo snel mogelijk, naar je toe. Want wij weten hoe vervelend een gemis aan een goede stroomvoorziening is. Zo werken we bijvoorbeeld ook voor grote ziekenhuizen. Die mogen natuurlijk nooit zonder energie komen te zitten. Want als tijdens een operatie de hartbewaking uitvalt, heb je een groot probleem. Zoiets mag natuurlijk nooit voorkomen. Daar zorgt Bredenoord voor!’< www.bredenoord.com

  10. Fonds Vitale Kerngebieden doet eerste succesvolle aankopen

    Reacties uitgeschakeld voor Fonds Vitale Kerngebieden doet eerste succesvolle aankopen

    Het Fonds Vitale Kerngebieden heeft de eerste panden aangekocht. Het fonds werd in 2021 gelanceerd en is onderdeel van de bredere aanpak Vitale Kerngebieden. Het doel is om leegstand in winkelgebieden te bestrijden, het voorkomen van ondermijning en het tegengaan van verschraling van het winkelaanbod. De panden kunnen tijdelijk in bezit blijven van de gemeente door verhuur aan een gebruiker, maar uiteindelijk worden ze weer verkocht. Het streven is binnen vijf jaar. Met het fonds geeft de gemeente een extra impuls aan de Rotterdamse winkelstraten. Economie-wethouder Robert Simons bracht gistermiddag de eerste raamsticker aan op een pand aan de Nieuwe Binnenweg, waarmee het officiële startsein werd gegeven voor de zoektocht naar een geschikte huurder.

    Komst Fonds Vitale Kerngebieden

    Het Fonds Vitale Kerngebieden kwam op een cruciaal moment, aangezien Rotterdamse winkelgebieden al geruime tijd kampen met uitdagingen zoals toenemende leegstand en ongewenste invulling van panden. Om deze problemen aan te pakken, is een nauwe samenwerking nodig tussen ondernemers, vastgoedeigenaren, gemeente en bewoners. Het fonds biedt een extra impuls om deze samenwerking te bevorderen en de Rotterdamse winkelstraten nieuw leven in te blazen.

    De eerste aankopen

    De eerste panden zijn aangekocht in Oud-Mathenesse, Slinge, op de Nieuwe Binnenweg en op de Prins Hendrikstraat (Hoek van Holland). Naar verwachting zullen er dit jaar nog meer volgen. De gemeente is nu druk bezig met het zoeken naar de beste invulling voor de aangekochte panden. Wat precies de beste invulling is, hangt af van de straat en het gebied. Ieder pand is maatwerk: soms is het binnen een gebied een kwestie van branchering, soms vraagt een gebied om een wat meer maatschappelijke invulling en soms kan het nodig zijn om de gebruiksbestemming van een pand te wijzigen. Voor het pand aan de Nieuwe Binnenweg wil de gemeente zich richten op potentiële huurders die een waardevolle toevoeging zijn op het (winkel)aanbod, maar waarvoor het te risicovol is om zich direct te committeren aan een langdurig huurcontract met een hoge huurprijs. Dat plan wordt nu verder uitgewerkt.

    Programma Vitale Kerngebieden

    Het programma Vitale Kerngebieden heeft onder andere tot doel om samenwerking en professionalisering van collectieven in centrumgebieden te stimuleren. In nauwe samenwerking met belanghebbenden in de Rotterdamse winkelgebieden streeft de gemeente naar vitale kerngebieden, waar aantrekkelijke ontmoetingsplekken en een divers voorzieningenaanbod de behoeften van de gemeenschap weerspiegelen.

    Wethouder Robert Simons (Haven, Economie, Horeca en Bestuur): ”Rotterdammers willen gezellige winkelstraten, rijk aan diversiteit, waar ze graag naartoe gaan om te winkelen. Met het Fonds Vitale Kerngebieden zorgen we ervoor dat we hier als gemeente meer op kunnen sturen. Ik ben blij dat we nu de volgende stap kunnen zetten en de eerste aangekochte panden een nieuwe invulling kunnen geven. Om tot een juiste invulling te komen, gaat de gemeente graag met partners in de stad in gesprek. Input is welkom!”

Zoeken naar: